De advocaat in een strafzaak: meer dan een pleiter

Bijgewerkt op: 26 aug

Wanneer iemand verdachte wordt in een strafzaak, verandert er in één klap veel. Er is de politie, het Openbaar Ministerie, misschien voorlopige hechtenis, en een proces waarvan de regels voor een leek ondoorzichtig zijn. Mijn rol als advocaat begint precies daar: op het moment dat iemand voor het eerst tegenover de macht van de staat staat.
Het uitgangspunt is simpel en fundamenteel: iedere verdachte heeft recht op bijstand. De verdachte heeft het recht om zich, overeenkomstig de bepalingen van dit wetboek, te doen bijstaan door een raadsman. Dat recht is geen formaliteit. Het is de kern van een eerlijk proces. Zonder een raadsman naast zich staat een verdachte alleen tegenover een apparaat met onbeperkte tijd, middelen en ervaring.
Concreet betekent mijn werk drie dingen.
Ten eerste: waken over het proces. Is een verhoor eerlijk verlopen? Is bewijs rechtmatig verkregen? Is de voorlopige hechtenis nog wel gerechtvaardigd, of loopt de officier van justitie op de zaken vooruit? Ik controleer elke stap, want procedurefouten kunnen het verschil maken tussen een veroordeling en vrijspraak.
Ten tweede: het verhaal vertellen dat er anders niet gehoord wordt. Achter elk dossier zit een mens, met een context die het Openbaar Ministerie niet altijd ziet of wil zien. Het is mijn taak om die context, en de verdediging die daaruit volgt, scherp en overtuigend voor de rechter neer te leggen.
Ten derde: rust brengen in een periode van onzekerheid. Een strafzaak is voor de meeste mensen een van de meest ontwrichtende ervaringen van hun leven. Uitleggen wat er gaat gebeuren, wat de risico's zijn en welke keuzes er voorliggen, is net zo belangrijk als de juridische strategie zelf.
De verdediging is er niet om de waarheid te ontlopen. Zij is er om te zorgen dat de waarheid via een eerlijk proces wordt vastgesteld. Dat is, elke keer opnieuw, waar ik voor sta.


Opmerkingen